MaintenanceBenelux.nl NL
Home
BLIJF OP DE HOOGTE
Meld u nu aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief.
Uw adres wordt nooit aan derden doorgegeven.
Lees onze privacyverklaring.

MAGAZINE

Maintenance Benelux 2015-3 18-09-2015
Blader door de digitale editie van het complete magazine
Maintenance Benelux 2015-3
Bemas; windenergie; Persoonlijke BeschermingsMiddelen; Pumps&Valves; chroom6; robotisering; gemaalpomp; hydrauliekolie met lange standtijden; gecertificeerde opslagvoorzieningen

Verschenen: 18-09-2015
De onderhoudstechicus van de toekomst Bemas gaat voor Worldclass Maintenance en Asset Management in België
De onderhoudstechicus van de toekomst
Bemas gaat voor Worldclass Maintenance en Asset Management in België Net als in Nederland baart het tekort aan onderhoudspersoneel de Belgische industrie zorgen. De Belgische organisatie Bemas ondersteunt haar leden bij een hogere Return on Assets door een beter beheer van machines, installaties en infrastructuren. Door mensen samen te brengen en kennis te delen rond onderhoud en asset management vormt Bemas naar eigen zeggen de brug naar een duurzame en competitieve industrie en economische welvaart in België. Dat doet de organisatie op velerlei manieren.

De komende jaren gaan er naar schatting 1200 onderhoudstechniekers per jaar met pensioen in België. Dat terwijl het aantal schoolverlaters in de typische technische richtingen, (middelbaar on - derwijs elektromechanica en dergelijk, en hoger onderwijs: bachelor onderhouds technieken) op (veel) minder dan de helft ligt. Dit moet dus gecompenseerd worden door omscholing en herscholing van andere profielen en operators. Bedrijven moeten ook steeds meer in zetten op eigen opleidingen. Enerzijds omdat het onderwijs achterloopt op de echte noden van de industrie, anderzijds omdat die zijdelingse instroom een an - dere achtergrond heeft. (Technische) scholen en bedrijven wer ken in België al courant samen met stages, uitwisseling van materiaal, ken - nis, gastlessen, … Vooral voor het overdragen van decennia vakkennis is het belangrijk oude rotten en jonge wolven samen te brengen. Op de vraag aan Bemas of bedrijven niet het schaap met de vijf poten zoeken, de maintenance manager moet van veel markten thuis zijn, antwoordt een woordvoerder: “In sommige bedrijven zijn er al meerdere maintenance managers
pagina 12
de toekomst van robotisering in  onderhoudstaken De hele keten betrekken bij innovatieplannen om business case te garanderen
de toekomst van robotisering in onderhoudstaken
De hele keten betrekken bij innovatieplannen om business case te garanderen Het Kennis- en Innovatie Centrum (Ki<) beijvert zich hét centrum te zijn waar informatie over maintenance in de procesindustrie wordt verzameld en gedeeld met de hele keten. Het stimuleert constante samenwerking tussen bedrijven die actief zijn in onderhoud in de procesindustrie onderling en samenwerking van die bedrijven met kennisinstellingen. Het Ki< brengt de behoefte van bedrijven in de sector (asset owners) in kaart en werkt van hieruit aan innovatieve oplossingen met service providers waaronder veel MKB. Zo organiseerde het Ki< op 8 juli j.l. een bijeenkomst voor service providers en asset owners over robotica in maintenance.

Het Ki< brengt partijen fysiek samen om kennis, ervaring en best practices te delen en bevordert innovatie. Bedrijven kunnen op deze manier efficiënter en veiliger werken en een sterke(re) positie verwerven in de procesindustrie. Op die manier wil het Ki< de proces industrie in het algemeen en de regio Zuidwest-Nederland in het bijzonder versterken. De regionale ontwikkelings maatschappijen BOM en Rewin en de Belgische Onderhoudsorganisatie Bemas ondersteunden het Ki< bij de bijeenkomst op 8 juli 2015. Dat was een vervolg op een eerdere samenkomst over robo tica in maintenance. De bijeenkomst vond plaats in de context van een te definiëren Interreg-project voor de regio Zuid-Nederland en Vlaanderen over robotisering/automatisering van onder houdstaken. Na een aantal inleidende presentaties werd uiteindelijk in groepjes verder ge brainstormd over concrete, innovatieve projecten in robotisering/automatisering van onderhoudstaken.
pagina 16
‘groene‘ (hydrauliek)olie is ook brandwerend Quaker Chemicals wereldwijd leverancier voor gietbedrijven en machinefabrikanten
‘groene‘ (hydrauliek)olie is ook brandwerend
Quaker Chemicals wereldwijd leverancier voor gietbedrijven en machinefabrikanten Een van de Nederlandse deelnemers aan The Bright World of Metals, half juni in Düsseldorf Messe was Quaker Chemical in Uithoorn. Bij hen namen we een kijkje wat de toeleveranciers van bijvoorbeeld walsoliën, metaalbewerkings- en moeilijk brandbare hydraulische vloeistoffen zoal bezighoudt en hoe deze positief bijdragen aan standtijden en verlagen van de gebruikskosten. Gilbert van Baren, Product Manager Fluid Power Emea leidde ons over de werkvloer en door het laboratorium.

Bij Quaker Chemical in Uithoorn maken ze specialiteitchemische producten voor voornamelijk de staal- en metaalbewer kende industrie. Binnen deze industrieën levert Quaker Chemical een breed portfolio aan producten; oliën voor het koud en warm walsen van staal, moeilijk brandbare hydraulische vloeistoffen, me taalbewerkingsvloeistoffen, etc, etc. Aan de New York beursgenoteerde moedermaatschappij (KWR) in de VS bestaat sinds 1918. De regionale hoofd vestiging voor Emea (Europe, Middle East and Africa) van Quaker Chemical is al sinds begin 1960 gevestigd in Uithoorn. Op deze locatie bevinden zich een grote productiefaciliteit en verschillende Re search en Development laboratoria.
pagina 18
Oude milieucontainers voldoen niet meer aan PgS15-richtlijn  Europees gecertificeerde opslagvoorziening gevaarlijke stoffen voor Royal van Lent
Oude milieucontainers voldoen niet meer aan PgS15-richtlijn
Europees gecertificeerde opslagvoorziening gevaarlijke stoffen voor Royal van Lent In het kader van de milieuwetgeving is Royal van Lent Shipyard wettelijk verplicht om de duizenden liters primers, oplosmiddelen, verven en gietvloeren die ze jaarlijks gebruiken voor de afwerking van hun superjachten op een veilige manier op te slaan. Door de voortdurend aan verandering onderhevige PGS15-richtlijn bleken de verouderde milieucontainers die hiervoor gebruikt werden niet meer te voldoen, onder andere qua brandwerendheid. Denios kreeg opdracht om de opslagfaciliteit voor de gevaarlijke stoffen te upgraden naar de huidige stand der techniek.

In de wereld van de superjachten is Royal van Lent Shipyard inmiddels een begrip. Al meer dan 150 jaar zijn zij geves tigd op het karakteristieke Kaag-eiland. In 1949 ging Royal van Lent een strategisch partnership aan met Koninklijke De Vries Scheepsbouw in Aalsmeer en de Voogt Naval Architects in Haarlem. Onder de naam Feadship (First Export Association of Dutch Shipbuilders) opereren ze he den ten dage nog. Samen beschikken zij over drie van de modernste werven en een hightech ontwerp- en enginee ringbureau. Afhankelijk van de lengte en overige bouwmaten worden bij Royal van Lent Shipyards met een team van 275 medewerkers, gemiddeld zo’n twee superjachten per jaar gebouwd. Hiervoor wordt gewerkt met zeer hoogwaardige materialen en de allernieuwste machi nes. Het grootste jacht dat tot nu ooit het daglicht zag bij deze werf was 101 meter lang. Mussert, Arbo- en Milieucoördinator bij Royal van Lent Shipyard: “Kwaliteit, duurzaamheid en innovatie staan bij ons centraal.”
pagina 20
Visit the Future 30 september en 1 oktober 2015 vormt Ahoy Rotterdam het toneel van de Nederlandse pompenmarkt
Visit the Future
30 september en 1 oktober 2015 vormt Ahoy Rotterdam het toneel van de Nederlandse pompenmarkt Als dit blad bij u op de mat belandt, duurt het nog minder dan twee weken voordat Ahoy Rotterdam zijn deuren opent voor Pumps &Valves en Solids. Voor Pumps&Valves is het de derde keer dat Ahoy de achtergrond vormt. Solids is voor de zesde keer in Rotterdam en krijgt dit jaar gezelschap van ‘broertje’ Dry Cargo. Eind juni verzorgde organisator Easyfairs een bijeenkomst voor standhouders. Hen werd op het hart gedrukt u, de bezoeker vooral van te voren te laten weten wat u allemaal kunt verwachten. Bij deze dus.

Met in totaal 250 deelnemers voor Pumps & Valves in combinatie met Solids, is het aantal standhouders gegroeid ten opzichte van de laatste editie in 2013. Pumps & Valves is als niche evenement inmiddels een gevestigde naam in zo wel Rotterdam als Antwerpen waar ze haar locaties strategisch uitkiest binnen handbereik van de zee-of binnenhavens. Naast Rotterdam en Antwerpen is er ook een Pumps & Valves in Bilbao, Spanje. Het parallel gehouden Dry Cargo, beurs en congres, heeft vooral een internatio naal karakter. Hier zullen 150-200 internationale gasten en 20-25 bedrijven er om heen zich buigen over een nichemarkt. Hal 4 is gereserveerd voor Pums&Valves; Solids vindt plaats in hal 3 en 5 en Dry Cargo leunt daar tegenaan. Bas van Gent benadrukte eind juni nog maar weer eens hoe bezoekers de ul tieme gelegenheid wordt geboden om te horen wat de trends en ontwikkelingen zullen zijn. “Onder het motto ‘Visit the future’ willen we hen laten zien welke richting de toekomst kan inslaan.”
pagina 22
Tot twintig procent te winnen in optimalisatie O&M-strategie ECN-tools onderhoud offshore-turbines
Tot twintig procent te winnen in optimalisatie O&M-strategie
ECN-tools onderhoud offshore-turbines Binnen tien jaar offshore-windenergie veertig procent goedkoper. Dat is in één zin de uitdaging voor het TKI (Topsectoren Kennis & Innovatie) Wind op Zee waarin Nederland internationaal een industriële hoofdrol speelt. Kennisinstituut Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) te Petten zet de toon in optimalisatiestrategieën voor beheer en onderhoud van offshore windparken. Op deze kostenfactoren is meestal tot twintig procent te winnen, ervaren dr. Peter Eecen en ir. René van de Pieterman van ECN. Kern is de sublimatie van data tot nuttige informatie ten gunste van beschikbaarheid c.q. opbrengst, levensduur en kostenreductie over de gehele levenscyclus van het offshore windpark.

Anno 2015 neemt menigeen gemakkelijk aan dat offshore windenergie een al redelijk uitgekristalliseerde techniek is met gestroomlijnd onderhoud. De prin cipes zijn al enige tijd bekend maar een windpark op zee met turbines van 6 tot 8 MW is zware hightech uit een jonge, grensverleggende industrie. Dat is een van de redenen waarom windenergie op zee hoog op de gesubsidieerde indu strieagenda staat: er wordt veel kennis ontwikkeld om de resultaten te verbete ren. Noodzakelijk om de kostprijs binnen acceptabele grenzen te brengen ten opzichte van windparken op land en ten opzichte van conventionele bronnen. Deze veronderstelling daagt uit de totale energiekosten per 2023 ten opzichte van 2014 te reduceren met veertig procent. Dan zal het vermogen windenergie 4,5 GW offshore en 6 GW on shore bedra gen. Deskundigen gaan er officieus van uit dat economische, maatschappelijke en technische factoren zeewind de beste papieren geven. ECN is marktleider in optimalisatie van bedrijfsvoering en onderhoud van off shore windparken en richt zich op kostenreductie en rendementsverhoging. Dit strekt zich uit van ontwerp tot en met de operationele fase. Onderdelen van het door ECN ontwikkelde O&M-systeem worden door de meeste turbineprodu - centen en parkbeheerders al gebruikt. Het ECN O&M-systeem zal naar ver wachting de kWh-prijs significant verlagen.
pagina 26
Windenergie zorgt voor frisse bries Vooruitblik Valve World Expo 2016
Windenergie zorgt voor frisse bries
Vooruitblik Valve World Expo 2016 Een succesvolle energietransmissie is zonder windenergie niet denkbaar. Windenergie is een stuwende kracht voor duurzame energiebronnen en biedt ze een stevige wind in de rug. Nooit eerder was de totale geïnstalleerde capaciteit van windenergie wereldwijd zo groot. De orderboeken van de producenten zijn goed gevuld en de technologie is uitgerijpt. “We zijn de kinderschoenen ontgroeid en nu in de industrialiseringsfase beland,” benadrukte de Duitse minister van Economie Sigma Gabriel bij de opening van het windpark Dan Tysk. Ook voor de onderhoudsbedrijven biedt windenergie volop kansen.

Windenergie is als duurzame energie gepromoveerd naar de Champions League. Eind 2013 was er volgens de Global Wind Energy Council (Gwec) wereldwijd 318.137 MW capaciteit door windenergie geïnstalleerd. In 2014 kwam hier nog eens 45.000 MW bij. De records zijn indrukwekkend, terwijl in het jaar 2000 de totale capaciteit nog bij circa 20.000 MW lag. Gewc voorspelt dat windener gie in 2050 al tussen de 25 en 30 procent van de mondiale stroomvoorziening voor haar rekening kan nemen. Vooral in Europa is er sprake van een recordaantal windparken, gevolgd door Azië en Noord-Amerika. China kan er echter door het sterk uitbreiden van de installaties voor zorgen dat Azië Europa hierin voorbijstreeft. Alleen al in Duitsland, veel verder dan Nederland als het gaat om door duurzame energie, produceer - den eind vorig jaar 24.867 windenergieinstallaties emissiearme en dus milieu - vriendelijke stroom; in 2014 bedroeg de geïnstalleerde totale capaciteit volgens de Duitse Windenergie Associatie 38.115 MW.
pagina 30
Gezonde werknemers cruciaal voor  innovatief en concurrerend vermogen A+A 2015 van 27 – 30 oktober 2015, Düsseldorf
Gezonde werknemers cruciaal voor innovatief en concurrerend vermogen
A+A 2015 van 27 – 30 oktober 2015, Düsseldorf De organisatie van de vakbeurs A+A ziet een sterk toenemende belangstelling voor veiligheid en gezondheid bij bedrijven. Gezonde werknemers worden steeds belangrijker voor bedrijven als het gaat om innovatief en wedijverend bezig te zijn. Ook de gevolgen van de vergrijzing worden cruciaal voor het voortbestaan van bedrijven.

Deze trend komt aan bod tijdens de 30ste editie van A+A in Düsseldorf. De internationale vakbeurs met congres voor persoonlijke bescherming, veiligheid en gezondheid op het werk vindt ditmaal plaats van 27 tot en met 30 oktober. Het evenement telt dit jaar bijna 1800 expo santen en is uitgebreid naar ruim 65.000 vierkante meter. Preventie biedt economische kansen Een gericht preventiebeleid op het ge bied van veiligheid en gezondheid in de werksituatie geeft bedrijven aanzienlijke economische kansen die vooral met het oog op de vergrijzing in Europa beter zouden kunnen worden benut. Dit stelt Bruno Zwingmann, directeur van coope ratie Basi, Bundesarbeitsgemeinschaft für Sicherheit und Gesundheit bei der Arbeit. “De stijgende gemiddelde leeftijd van de werknemer heeft invloed op de industriele sector en op bedrijfsprocessen. Technologische ontwikkelingen in de industrie zoals de digitalisering zorgen voor een rationaliseringsslag zoals bijvoorbeeld robotisering. Een positieve combinatie van deze ontwikkelingen, samen met de vergrijzing, biedt grote kansen voor de in dustrie in Europa”, verwacht Zwingmann.
pagina 32
Comfort en bescherming moeten hand in hand gaan Ronald van Esch van Honeywell Safety Products over de belangrijke stappen voor een veiligere werkomg
Comfort en bescherming moeten hand in hand gaan
Ronald van Esch van Honeywell Safety Products over de belangrijke stappen voor een veiligere werkomg Elke keer tonen statistieken aan hoe gevaarlijk sommige bedrijfsactiviteiten zijn. Zo berekende Eurostat, het bureau voor statistiek van de Europese Unie, dat er in 2012(1) in de Benelux alleen al in de bouwsector bijna 30.791 grote ongevallen, waarbij het slachtoffer meer dan drie dagen niet kon werken of, in extreme gevallen, overleed, plaatsvonden. Dat kostte de sector duizenden verloren werkdagen. Bij grote shutdowns en turnarounds gaat het vaak al niet anders. Waarom is dat risico zo groot en wat kan eraan worden gedaan om de veiligheid van werknemers te waarborgen.

Ronald van Esch, managing director van Honeywell Safety Products Benelux, ver telt hoe een stelselmatige aanpak van risicoanalyse aanzienlijke verbeteringen kunnen brengen in de veiligheid op sites. De verantwoordelijkheid voor veilig heid brengt meerdere uitdagingen met zich mee. Het is voor grote bedrijven al lastig genoeg om specifiek veiligheids personeel en -infrastructuur te hebben. Voor het midden- en kleinbedrijf ziet het plaatje er anders uit. Bij dergelijke bedrij ven nemen eigenaren en senior managers ook de veiligheidsrol op zich, naast hun andere verantwoordelijkheden. Dat betekent dat op de hoogte blijven van de meest recente veiligheidsinnovaties, -informatie en -training nog moeilijker kan zijn. Is het alleen het aantal overwegend kleine bedrijven of is het de combinatie van de tijdelijke locatieomgeving, de aard van het werk, de voortdurend lage inschatting van risico’s door werknemers, enz.? Op deze vraag bestaat geen een - duidig antwoord maar de manier om de veiligheid consequent te verbeteren, is om een stelselmatige aanpak te hebben voor de meest algemene risico’s. Door met een frisse blik naar deze risico’s te kijken en ze elk op hun beurt aan te pak ken, kunnen bedrijven van elke omvang helpen het aantal letsels en ongevallen onder hun werknemers te verlagen.
pagina 34
de discussie over zeswaardig chroom ION-directeur Egbert Stremmelaa
de discussie over zeswaardig chroom
ION-directeur Egbert Stremmelaa Na Defensie is nu ook bij de Nederlandse Spoorwegen onder onderhoudspersoneel grote onrust ontstaan over het gebruik van verf voor treinen waarin het kankerverwekkende element chroom6 is verwerkt. Hoe moeten in het algemeen onderhoudsmensen met chroom6 omgaan? Hoe zit het ook met een komend verbod van chroom6. Aanleiding tot een interview met Egbert Stremmelaar, directeur van de Vereniging industrieel Oppervlaktebehandelend Nederland (ION). Hoe voeren we het verbod op een goede manier uit?

ION is een branchevereniging voor in totaal 350 lidbedrijven (ongeveer 6000 fte’s en ongeveer 600 miljoen omzet) in Nederland. De organisatie komt op voor de belangen van deze bedrijven. “Op dit moment spelen er een paar dingen”, zegt Stremmelaar. “We zijn uiteraard bezig met de standaards en normen; waar houdt de branche zich aan? We zijn bezig met kwaliteitsystemen en we geven opleidingen en trainingen in het vakgebied maar op dit moment gaat verreweg de meeste aandacht naar het op een veilige en zo milieuvriendelijk mogelijke manier veiligstellen c.q. niet te snel afbreken van het mogelijke gebruik van materialen. Dan moet je met name denken aan stoffen als chroom (zeswaar dig chroom in het bijzonder), nikkel en bijvoorbeeld boorzuur.” Als we Stremmelaar specifiek vragen naar chroom6 antwoordt hij: “Dat is een zeswaardige chroomverbinding die over het algemeen in een oplossing zit en uiteindelijk gebruikt wordt om drie dingen te bereiken. Je kunt ermee hard chro meren, dus zorgen dat een oppervlak extreem hard wordt, dat zie je vooral in machineonderdelen en de automotive. Een breder gebruik van chroom6 is in een conversie- of schoonmaakvloeistof. Dan moet je vooral denken aan het voorbe handelen van oppervlakten waarna er een hechtlaag op komt. De toepassing van zeswaardig chroom is altijd in een verbinding die daarna wordt omgezet in andere elementen of wordt gebonden. Je zal dan ook in een bumper geen chroom6 tegenkomen. Dat is gewoon chroom geworden en in conversielagen wordt chroom6 voor het grootste ge - deelte omgezet in andere elementen. Chroom6 blijft in beperkte mate en in gebonden toestand op het oppervlakte achter.” Als derde vorm wordt Chroom6 gebruikt als pigment in vloeibare coatings.
pagina 36
Thriller in doodgewoon gemaal Jonge pomp kwispelt rondjes
Thriller in doodgewoon gemaal
Jonge pomp kwispelt rondjes Het gebeurt allemaal aan het riviertje ‘de Linge’, een kronkelachtige watergang door de Betuwe. Het gemaal ‘de Laar’ daar heeft in de kelder een pomp-as die zich gedraagt als een tanige tiener die aan het hoelahoepen is. Dat gaat gepaard met hevig bonken. Al heeft de pomp-as een lengte van een meter of drie, toch is dit niet wat je van een doorsnee pomp-as van die lengte zou verwachten. De verticale as zit boven in de elektromotor vast en van onder in de lagering van de pomp. De naastliggende pomp intussen, pompt onverstoorbaar rondjes. Het is niet rustig aan ‘de Linge’ bij het dorpje Gellicum. Wat kan vliegen klapwiekt weg en in de omtrek hoor je koeien.

Het vijftig jaar oude gemaal is aan revisie toe. Tegelijkertijd moet ook het rendement omhoog. In het gebouw staan twee pomp- units die niet van elkaar te onderscheiden zijn. De motoren van de beide units zijn versleten. De gietijzeren schroeven in het pomphuis worden ook bedankt. Schroe - ven met een legering van aluminium en brons komen er voor in de plaats. Drie meter hoger worden de nieuwe perma nentmagneet motoren van 132 kilowatt gemonteerd. Ze draaien maximaal 214 omwentelingen per minuut. Permanent magneet motoren combineren een hoog rendement zelfs bij lage toeren, een hoog koppel en een compacte bouwgrootte. Nadeel is alleen dat er een flinke frequentieregelaar nodig is om een unit door het startkoppel heen te trekken. Voor- en na de revisie zijn onder verschillende condities metingen verricht aan de flow en opvoerhoogte van het te verpompen water. Uit deze twee parameters kan het debiet bere kend worden. De resultaten van deze berekeningen pakken gunstig uit voor de beheerder van het gemaal.
pagina 40
PROCES MEDIA
Solids Processing Fluids Processing MB Maintenance SchuettgutPortal
Ontvang onze nieuwsbrief
Nieuwsbrief archief
Volg ons
Linked
Service en contact
ContactDisclaimerPrivacyAdverterenInloggen controlpanel